Bakkerijmuseum

Lekker boeiend

Lager onderwijs

Kinderen uit het lager onderwijs kunnen, afhankelijk van hun leeftijd, een ovenvers brood, speculaaskoeken of chocoladefiguren maken. Na de workshop trekt de klasgroep naar het museum.  

 

 

Broodatelier

Bij aankomst in het bakkersatelier wassen alle bakkers in spé de handen en krijgen een bakkersschort om en bakkersmuts op. 

Na het analyseren en uitdelen van de ingrediënten begint het meng- en kneedwerk. Hard labeur, zo ondervinden de leerlingen, zeker als ze weten dat de bakker daar al in het holst van de nacht moest aan beginnen. Ook de hitte van de oven doet het zweet al parelen op het voorhoofd.

Na de workshop trekken de leerlingen door het museum onder leiding van een gids. Afhankelijk van de leeftijd van de kinderen, wordt de gidsbeurt uitgebreid of ingekort. De eerste graad trekt enkel door de schuur en ontdekt de weg van graan tot brood. De tweede graad voegt daar nog het bakkerswinkeltje aan toe met een aantal leuke attributen ‘uit grootmoeders tijd’. De derde graad bezoekt normaliter het volledige museum, dus ook de banket-, ijs-, chocolade-, wafel- en speculaasafdeling.

Tussenin keert de groep terug naar de bakkerij om de broodjes in de oven ‘te schieten’ met de ovenpaal. Achteraf krijgt iedereen zijn ovenvers brood mee naar huis.

Speculaasbakkerij

Eens de leerlingen omgetoverd zijn tot bakkers ontdekken ze dat er een aantal speciale ingrediënten die nodig zijn om speculaas te maken. Vervolgens gaan ze echt aan de slag. Ze merken meteen dat het niet zo makkelijk is om speculaasdeeg te kneden: het is namelijk vrij hard. Als het deeg uiteindelijk voldoende gekneed is, gaat het voor een halfuurtje de koelkast in.
Intussen trekt de groep naar de speculaaskelder, waar ze onder leiding van een gids achtergrondinformatie meekrijgen over de speculaasbakker. Eventueel verkennen ze ook nog het bakkerswinkeltje.

Vervolgens keren de bakkers terug naar de bakkerij om hun speculaasfiguren te maken. De koeken worden afgebakken in de elektrische oven en verpakt, zodat elk zijn eigen koeken meekrijgt naar huis.

Chocoladeatelier

Chocolade bewerken is niet voor doetjes! Het is delicaat werk en moet met de grootste zorgvuldigheid gebeuren. Het atelier bestaat uit een praktisch en een theoretisch gedeelte.

In het praktijkgedeelte maken de leerlingen enkele chocoladeproducten. Heel wat vaardigheden zoals het werken met een spuitzak, het draaien van quenelles en het tempereren van chocolade komen aan bod. Natuurlijk krijgen de leerlingen hun zelfgemaakte chocoladewerkjes mee naar huis. 

Na de praktijk verdiepen de leerlingen zich in de wondere wereld van de chocolade. De leerlingen krijgen een rondleiding in de chocoladekamer van het museum en maken kennis met de oude handwerktuigen en machines die gebruikt werden door banketbakkers. 

Tussen het praktische en het theoretische deel zit een pauze van ongeveer een kwartier. De leerlingen kunnen dan eventueel hun tussendoortje nuttigen op de speeltuin.  

Praktische info

 

  Broodatelier Speculaasbakkerij Chocoladeatelier
Doelgroep 1ste - 6de leerjaar 3de - 6de leerjaar 5de - 6de leerjaar
Duur 2,5u 2,5 à 3u 2,5 à 3u
Tijdsverdeling

Workshop: 1 à 1,5u

Luistertijd: 1 à 1,5u

Workshop: 2 à 2,5u

Luistertijd: 0,5u

Workshop: 1,5u

Lestijd: 1u

Kostprijs € 4,50 per leerling € 4,50 per leerling €4,50 per leerling
Aantal

1e + 2e leerjaar: min. 15, max. 40 leerlingen

3e tem 6e leerjaar: min. 15, max. 55 leerlingen

Min. 15, max. 20 leerlingen Min. 10, max. 20 leerlingen
Periode

Heel het jaar (ma-vrijdag, maandagnamiddag niet)

 Heel het jaar (ma-vrijdag, maandagnamiddag niet)

Van november tot Pasen

(ma-vrijdag, maandagnamiddag niet)


Bakkerijmuseum

Bakkerijmuseum

Albert I-Laan 2, 8630 Veurne
+32 58 31 38 97 (enkel tijdens openingsuren)
onthaal@bakkerijmuseum.be

Blijf op de hoogte


In samenwerking met